Rook en warmte beheerst – levens gered
Rook en warmte beheerst – levens gered
Recent organiseerde Anpi een drukbijgewoond webinar met als thema “RWA: Rook en warmte beheerst, levens gered”. Eminente sprekers hadden het over de reglementaire en normatieve aspecten van brandveiligheid, maar ook over praktijkgevallen, brandbeveiligingssystemen en beschermingsuitrustingen. Aandachtspunten waren o.m. de interactie tussen deze systemen en het standpunt van de lokale brandweer.
Er werd gestart met de reglementaire en normatieve aspecten van brandveiligheid. Deze werden uitvoerig besproken door, respectievelijk, Luc De Ketelaere, Project Manager Inspection Division bij ANPI, en Les Baert, Fire Safety Engineer bij Fire Safety Engineering Consultants (FSEC).
Geen interactie tussen systemen
Na de onderbreking had Les Baert van FSEC het over praktijkgevallen en over de interactie van een brandbeveiligingssysteem met een ander beveiligingssysteem. “De interactie van een Rook- en Warmte Afgiftesysteem (RWA)-systeem met blussystemen wordt geregeld in de regelgeving voor industriegebouwen (KB 94 B6). Bij het gebruik van gewone sprinklers (CMDA) komt het RWA-systeem pas in actie na de activatie van de sprinklerinstallatie, bediend door de sprinklerpost. Bij het gebruik van watermist, schuim (low ex/high ex), een gasblusinstallatie, ESFR of een gelijkaardig systeem (‘storage sprinklers’) is een RWA-systeem niet toegelaten”, aldus Baert. “Wat de aansturing van een RWA door detectiesystemen betreft, is het RWA-scenario gebaseerd op locatie detectie (zone). Het type en de manier van plaatsen van de detectoren moet zodanig gekozen worden dat de kans op activatie van een verkeerd scenario minimaal is. In een vroeg stadium heeft een brand weinig thermiek en is er een horizontale verspreiding ingevolge tocht. Bij beweging naar een naastliggende RWA-zone kan een verkeerd scenario worden geactiveerd. Het RWA-systeem wordt pas geactiveerd na bevestiging van de detectie (bv. situatie parkeergarage). De eerste detector bepaalt het te activeren scenario. Enkel detectoren of handmelders in het bewuste compartiment van de parking mogen worden opgenomen in de programmatie – niet deze in trappenhuizen bv.”
Standpunt brandweer
Daarna verduidelijkte Carlos Schellinck, Attaché bij de Dienst Preventie van de Stad Brussel, het standpunt van de lokale brandweer. Hij lichtte de toepassing van een RWA-systeem in industriële omgevingen, parkeergarages en trappenhuizen (NBN S21-208), enerzijds, en in atriums en tunnels (buitenlandse normen), anderzijds, toe. “Aandachtspunten zijn het ontwerp van het RWA-systeem door een gespecialiseerd studiebureau, waarbij aspecten zoals de keuze van de brandhaard, samenwerking met andere diensten, branddetectie (zones parking), sturingen (alarmering, poorten, rookschermen …) en doormelding van de hulpdiensten, essentieel zijn. Ook de initiële en periodieke controle door BELAC en testen rond samenwerking en sturingen zijn essentieel. Andere zaken waaraan de nodige aandacht moet worden besteed, zijn het bestek, het onderhoud en de verificatie van het systeem (exploitant, eigenaar, syndicus...). Conclusie: er is sprake van een goed RWA-systeem indien al deze puzzelstukken goed in elkaar passen”, aldus Carlos Schellinck.
Door Philip Declercq
(Foto’s pexels.com)


