30/09/2024

Memorandum ALIA Security 2024

De beroepsfederatie ALIA Security maakt van de lopende regeringsvorming dankbaar gebruik om de beleidsmakers bewust te maken van de dringende noden binnen de beveiligingssector. Hiervoor heeft ALIA Security een memorandum gepubliceerd dat gretig wordt gedeeld met zoveel mogelijk stakeholders. “ In ons memorandum schuiven we de speerpunten naar voren voor een toekomstig nationaal beleid met betrekking tot de beveiligingssector”, aldus Johan Chenot, voorzitter van ALIA Security. “Het memorandum werd al aan onder meer de Directie Private Veiligheid overhandigd. Door het grote belang voor onze volledige sector publiceren we hier de integrale versie van het memorandum.”

1. Inleiding

De vergunde ondernemingen die in België instaan voor het plaatsen en onderhouden van alarm en/of camerasystemen, vormen een belangrijke schakel in de keten van de private veiligheid. Stuk voor stuk zijn het gedreven ondernemers die met sterk opgeleide medewerkers in techniek en wetgeving de noden van de gebruikers van alarmsystemen lenigen. Ze kiezen ervoor om met hun praktisch en technisch inzicht de beveiliging van een pand zo goed mogelijk uit te rusten.

Deze ondernemingen staan op de eerste rij wanneer het gaat over veranderingen in de technologische sector. Het hoeft geen betoog om aan te geven dat de laatste jaren deze veranderingen in een exponentiële curve zijn geraakt mede dankzij de evolutie in Artificiële Intelligentie.

Dit memorandum wil dan ook gebruik maken om de overheid te vragen, rekening te houden met deze veranderingen en bijgevolg de vigerende wetgeving in verband met onder andere vergunningen en opleidingen in de volgende legislatuur aan te passen.

Onderstaande punten zijn elementen die binnen de verschillende beroepsfederaties, Eloya, Nelectra en Techlink, terugkomen. Daarom heeft de overkoepelende beroepsvereniging ALIA Security, die onder meer een groot deel van de vergunde ondernemingen vertegenwoordigt, deze gebundeld en verwerkt tot dit document.

2. Vergunningen en opleidingen

Bij het schrijven van de eerste wet tot regeling van de private en bijzondere veiligheid in 1990 kon men nog geen rekening houden met de nood aan regelgeving voor andere technieken dan deze van de inbraakdetectie. Het is dan ook logisch dat er toen een “erkenning” werd gegeven aan ondernemingen voor het plaatsen van alarmsystemen wanneer zij aan alle voorwaarden voldeden.

De overheid heeft toen kosten nog moeite gespaard om het onderdeel alarmsystemen grondig uit te werken in verschillende Koninklijke Besluiten waaronder ook die van de opleidingsvoorwaarden.

Bij de aanpassing van de wet in 2017 hebben de beleidsmakers geoordeeld om ook het onderdeel van de camerabewaking mee onder deze wet te brengen. De sector vond dit een terechte beslissing. Echter zijn we vandaag 2024 en er werden geen andere uitvoeringsbesluiten gepubliceerd in verband met de te volgen opleidingen of de minimumvoorwaarden waaraan deze ondernemingen moeten voldoen.

In het kader van een steeds strenger worden regelgeving in verband met het gebruik van persoonsgegevens en de Europese cyberrichtlijn NIS2 lijkt het logisch dat straks ook het onderdeel toegangscontrole onder dezelfde wetgeving wordt geschoven.

Om te vermijden dat hier dezelfde achterstand in besluitvorming zou kunnen worden bekomen is de sector van oordeel om de vergunningen en de daaraan gekoppelde opleidingen en minimumvoorwaarden te herbekijken.

De sector is ervan overtuigd dat wanneer we in de volgende legislatuur zouden kunnen overgaan naar één vergunning voor een “Beveiligingsonderneming” met de optie om zelf aan te duiden voor welke techniek de onderneming wil vergund worden, dit veel dichter bij de praktijk zou aansluiten. Het hoofddoel van een “Beveiligingsonderneming” wordt dan het uitwerken van een “Beveiligingsconcept” waarin hij, na een grondige risicoanalyse, technieken gebruikt om enerzijds het risico op inbraken te verminderen en anderzijds de noden van de gebruiker te lenigen.

De technieken op zich beginnen in elkaar te vloeien. Het is vandaag al perfect mogelijk om een camera zo in te stellen dat ze beweging, brand en toegangsrechten kan detecteren. We spreken dan ook niet langer van één bepaalde technologie maar veeleer van een “Beveiligingssysteem”. Een aangepaste vergunning voor ondernemingen die deze technieken willen combineren lijkt ons dan ook op zijn plaats.

De sector vraagt dan ook met aandrang om dit thema mee te nemen en verder te laten uitwerken voor vergunningen en opleidingen. Hierdoor is er niet langer sprake van basisopleidingen en bijscholingen per techniek, maar worden deze opleidingen afgestemd op de noden van deze snel evoluerende sector.

De verschillende beroepsfederaties zijn er zich terdege van bewust dat een goed opgeleide medewerker de onderneming maar kan vertegenwoordigen nadat ze voldoende werd ondergedompeld in de verschillende aspecten van de wetgeving. De manier waarop de vorming moet gebeuren kan in vraag worden gesteld. Vandaag worden ondernemingen geconfronteerd met een verouderde methode van bijscholingen. De sector wil daarom aan de overheid vragen om naast de gekende manier van lesgeven voor basisopleidingen ook open te staan voor andere methodes van lesgeven bij bijscholingen, waaronder het afstandsonderwijs.

3. Verhogen van de kwaliteit

Ondernemingen die vandaag bezig zijn met het leveren, plaatsen en onderhouden van beveiligingssystemen streven naar een maximale kwaliteit. Dit kan aangetoond worden doordat sommige ondernemingen naast de bestaande wettelijke eisen ook oog hebben voor kwaliteitseisen die normatief worden opgelegd. Daarom ondersteunt ALIA Security onder andere vrijwillige certificatie merken zoals INCERT voor alarm- en camerasystemen en BOSEC voor brandbeveiliging. Een aantal ondernemingen gaan zelfs zo ver dat ze zich laten certificeren voor een internationale standaard met betrekking tot kwaliteitsmanagement.

De sector is zelf vragende partij om een aantal regels van goed vakmanschap aan een wettelijk kader te koppelen zodat iedere vergunde onderneming een minimum kwaliteitsniveau moet kunnen garanderen. Hierbij is zowel de burger als de openbare veiligheid gebaat. Waardoor ze zeker zijn dat een “Beveiligingssysteem” steeds optimaal kan functioneren en er weinig kans is op technische storingen die kunnen leiden tot ongewenste meldingen.

De beroepsfederatie stelt vast dat de overheid het onderdeel kwaliteit, in zijn opdrachten die het uitschrijft, niet als één van de belangrijke criteria hanteert. Al te vaak is de prijs het belangrijkste criterium die doorweegt in de beslissing. Vanuit onze sector willen we de overheid vragen om meer oog te hebben voor de beste prijs-kwaliteitsverhouding zodat de technische beveiliging van deze belangrijke gebouwen ook op langere termijn kan worden gegarandeerd.

4. Fiscaal voordeel bij het plaatsen of vernieuwen van een beveiligingssysteem

In het verleden werden er door de overheid al verschillende initiatieven genomen om de bevolking te stimuleren om een inbraakdetectiesysteem te plaatsen. Met succes. De bewustwording van het plaatsen van een professioneel detectiesysteem heeft bijgedragen tot het ontraden van inbrekers. De cijfers van de laatste jaren tonen aan dat het aantal inbraken sterk zijn gedaald.

Vandaag zien we dat enkel werken met een klassiek inbraakdetectiesysteem onvoldoende informatie levert aan de gebruiker of de vergunde alarmcentrales om een beslissing te nemen of een oproep van private en/of publieke diensten gerechtvaardigd is.

De sector is ervan overtuigd dat wanneer de overheid opnieuw een stimulans kan geven aan de hand van een fiscaal voordeel, om ervoor te zorgen dat gebruikers bestaande systemen uitbreiden of upgraden naar nieuwe mogelijkheden, dit zal bijdragen tot de verificatiemogelijkheden vooraleer een oproep naar de politie, brandweer en of hulpdiensten wordt geactiveerd. Zo kan de burger fiscaal worden ondersteund in de transitie naar een compleet “Beveiligingssysteem”, waarbij niet alleen inbraakdetectie maar ook branddetectie en camerabewaking als één geheel in de beveiliging van het pand kan worden aanzien.

5. Wettelijk kader rond branddetectie

Niet tegenstaande er momenteel geen vergunningsplicht is voor het leveren, plaatsen en in dienst stellen van een branddetectiesysteem ervaart de sector toch heel wat obstakels. Het is voor de onderneming niet evident om systemen te plaatsen in een nationaal versplinterde regelgeving. Afhankelijk van regio, gewest en zelfs stad zijn er aparte regels te respecteren bij de plaatsing ervan.

De manier waarop systemen vandaag moeten worden geplaatst verschilt. Het is voor een vergunde onderneming die ook het onderdeel branddetectie in zijn totaaloplossing wil verwerken dan ook heel moeilijk om een standaard concept uit te werken voor klanten met talrijke panden verspreid over het Belgisch grondgebied. De sector vraagt aan de overheid om dringend werk te maken van een nationale reglementering die geldig is voor alle brandweerzones in België.

6. Slot

ALIA Security vertegenwoordigt een belangrijk deel van de sector elektronische beveiliging. Zij is steeds bereid om samen met andere actoren binnen de integrale veiligheid mee te denken en mee te werken aan een verbeterde regelgeving. Ze engageert zich vandaag al in verschillende werkgroepen en is bereid dit in de toekomst nog te doen.

Johan Chenot

Voorzitter ALIA Security

www.aliasecurity.be

Memorandum ALIA Security 2024

De beroepsfederatie ALIA Security maakt van de lopende regeringsvorming dankbaar gebruik om de beleidsmakers bewust te maken van de dringende noden binnen de beveiligingssector. Hiervoor heeft ALIA Security een memorandum gepubliceerd dat gretig wordt gedeeld met zoveel mogelijk stakeholders. “ In ons memorandum schuiven we de speerpunten naar voren voor een toekomstig nationaal beleid met betrekking tot de beveiligingssector”, aldus Johan Chenot, voorzitter van ALIA Security. “Het memorandum werd al aan onder meer de Directie Private Veiligheid overhandigd. Door het grote belang voor onze volledige sector publiceren we hier de integrale versie van het memorandum.”

1. Inleiding

De vergunde ondernemingen die in België instaan voor het plaatsen en onderhouden van alarm en/of camerasystemen, vormen een belangrijke schakel in de keten van de private veiligheid. Stuk voor stuk zijn het gedreven ondernemers die met sterk opgeleide medewerkers in techniek en wetgeving de noden van de gebruikers van alarmsystemen lenigen. Ze kiezen ervoor om met hun praktisch en technisch inzicht de beveiliging van een pand zo goed mogelijk uit te rusten.

Deze ondernemingen staan op de eerste rij wanneer het gaat over veranderingen in de technologische sector. Het hoeft geen betoog om aan te geven dat de laatste jaren deze veranderingen in een exponentiële curve zijn geraakt mede dankzij de evolutie in Artificiële Intelligentie.

Dit memorandum wil dan ook gebruik maken om de overheid te vragen, rekening te houden met deze veranderingen en bijgevolg de vigerende wetgeving in verband met onder andere vergunningen en opleidingen in de volgende legislatuur aan te passen.

Onderstaande punten zijn elementen die binnen de verschillende beroepsfederaties, Eloya, Nelectra en Techlink, terugkomen. Daarom heeft de overkoepelende beroepsvereniging ALIA Security, die onder meer een groot deel van de vergunde ondernemingen vertegenwoordigt, deze gebundeld en verwerkt tot dit document.

2. Vergunningen en opleidingen

Bij het schrijven van de eerste wet tot regeling van de private en bijzondere veiligheid in 1990 kon men nog geen rekening houden met de nood aan regelgeving voor andere technieken dan deze van de inbraakdetectie. Het is dan ook logisch dat er toen een “erkenning” werd gegeven aan ondernemingen voor het plaatsen van alarmsystemen wanneer zij aan alle voorwaarden voldeden.

De overheid heeft toen kosten nog moeite gespaard om het onderdeel alarmsystemen grondig uit te werken in verschillende Koninklijke Besluiten waaronder ook die van de opleidingsvoorwaarden.

Bij de aanpassing van de wet in 2017 hebben de beleidsmakers geoordeeld om ook het onderdeel van de camerabewaking mee onder deze wet te brengen. De sector vond dit een terechte beslissing. Echter zijn we vandaag 2024 en er werden geen andere uitvoeringsbesluiten gepubliceerd in verband met de te volgen opleidingen of de minimumvoorwaarden waaraan deze ondernemingen moeten voldoen.

In het kader van een steeds strenger worden regelgeving in verband met het gebruik van persoonsgegevens en de Europese cyberrichtlijn NIS2 lijkt het logisch dat straks ook het onderdeel toegangscontrole onder dezelfde wetgeving wordt geschoven.

Om te vermijden dat hier dezelfde achterstand in besluitvorming zou kunnen worden bekomen is de sector van oordeel om de vergunningen en de daaraan gekoppelde opleidingen en minimumvoorwaarden te herbekijken.

De sector is ervan overtuigd dat wanneer we in de volgende legislatuur zouden kunnen overgaan naar één vergunning voor een “Beveiligingsonderneming” met de optie om zelf aan te duiden voor welke techniek de onderneming wil vergund worden, dit veel dichter bij de praktijk zou aansluiten. Het hoofddoel van een “Beveiligingsonderneming” wordt dan het uitwerken van een “Beveiligingsconcept” waarin hij, na een grondige risicoanalyse, technieken gebruikt om enerzijds het risico op inbraken te verminderen en anderzijds de noden van de gebruiker te lenigen.

De technieken op zich beginnen in elkaar te vloeien. Het is vandaag al perfect mogelijk om een camera zo in te stellen dat ze beweging, brand en toegangsrechten kan detecteren. We spreken dan ook niet langer van één bepaalde technologie maar veeleer van een “Beveiligingssysteem”. Een aangepaste vergunning voor ondernemingen die deze technieken willen combineren lijkt ons dan ook op zijn plaats.

De sector vraagt dan ook met aandrang om dit thema mee te nemen en verder te laten uitwerken voor vergunningen en opleidingen. Hierdoor is er niet langer sprake van basisopleidingen en bijscholingen per techniek, maar worden deze opleidingen afgestemd op de noden van deze snel evoluerende sector.

De verschillende beroepsfederaties zijn er zich terdege van bewust dat een goed opgeleide medewerker de onderneming maar kan vertegenwoordigen nadat ze voldoende werd ondergedompeld in de verschillende aspecten van de wetgeving. De manier waarop de vorming moet gebeuren kan in vraag worden gesteld. Vandaag worden ondernemingen geconfronteerd met een verouderde methode van bijscholingen. De sector wil daarom aan de overheid vragen om naast de gekende manier van lesgeven voor basisopleidingen ook open te staan voor andere methodes van lesgeven bij bijscholingen, waaronder het afstandsonderwijs.

3. Verhogen van de kwaliteit

Ondernemingen die vandaag bezig zijn met het leveren, plaatsen en onderhouden van beveiligingssystemen streven naar een maximale kwaliteit. Dit kan aangetoond worden doordat sommige ondernemingen naast de bestaande wettelijke eisen ook oog hebben voor kwaliteitseisen die normatief worden opgelegd. Daarom ondersteunt ALIA Security onder andere vrijwillige certificatie merken zoals INCERT voor alarm- en camerasystemen en BOSEC voor brandbeveiliging. Een aantal ondernemingen gaan zelfs zo ver dat ze zich laten certificeren voor een internationale standaard met betrekking tot kwaliteitsmanagement.

De sector is zelf vragende partij om een aantal regels van goed vakmanschap aan een wettelijk kader te koppelen zodat iedere vergunde onderneming een minimum kwaliteitsniveau moet kunnen garanderen. Hierbij is zowel de burger als de openbare veiligheid gebaat. Waardoor ze zeker zijn dat een “Beveiligingssysteem” steeds optimaal kan functioneren en er weinig kans is op technische storingen die kunnen leiden tot ongewenste meldingen.

De beroepsfederatie stelt vast dat de overheid het onderdeel kwaliteit, in zijn opdrachten die het uitschrijft, niet als één van de belangrijke criteria hanteert. Al te vaak is de prijs het belangrijkste criterium die doorweegt in de beslissing. Vanuit onze sector willen we de overheid vragen om meer oog te hebben voor de beste prijs-kwaliteitsverhouding zodat de technische beveiliging van deze belangrijke gebouwen ook op langere termijn kan worden gegarandeerd.

4. Fiscaal voordeel bij het plaatsen of vernieuwen van een beveiligingssysteem

In het verleden werden er door de overheid al verschillende initiatieven genomen om de bevolking te stimuleren om een inbraakdetectiesysteem te plaatsen. Met succes. De bewustwording van het plaatsen van een professioneel detectiesysteem heeft bijgedragen tot het ontraden van inbrekers. De cijfers van de laatste jaren tonen aan dat het aantal inbraken sterk zijn gedaald.

Vandaag zien we dat enkel werken met een klassiek inbraakdetectiesysteem onvoldoende informatie levert aan de gebruiker of de vergunde alarmcentrales om een beslissing te nemen of een oproep van private en/of publieke diensten gerechtvaardigd is.

De sector is ervan overtuigd dat wanneer de overheid opnieuw een stimulans kan geven aan de hand van een fiscaal voordeel, om ervoor te zorgen dat gebruikers bestaande systemen uitbreiden of upgraden naar nieuwe mogelijkheden, dit zal bijdragen tot de verificatiemogelijkheden vooraleer een oproep naar de politie, brandweer en of hulpdiensten wordt geactiveerd. Zo kan de burger fiscaal worden ondersteund in de transitie naar een compleet “Beveiligingssysteem”, waarbij niet alleen inbraakdetectie maar ook branddetectie en camerabewaking als één geheel in de beveiliging van het pand kan worden aanzien.

5. Wettelijk kader rond branddetectie

Niet tegenstaande er momenteel geen vergunningsplicht is voor het leveren, plaatsen en in dienst stellen van een branddetectiesysteem ervaart de sector toch heel wat obstakels. Het is voor de onderneming niet evident om systemen te plaatsen in een nationaal versplinterde regelgeving. Afhankelijk van regio, gewest en zelfs stad zijn er aparte regels te respecteren bij de plaatsing ervan.

De manier waarop systemen vandaag moeten worden geplaatst verschilt. Het is voor een vergunde onderneming die ook het onderdeel branddetectie in zijn totaaloplossing wil verwerken dan ook heel moeilijk om een standaard concept uit te werken voor klanten met talrijke panden verspreid over het Belgisch grondgebied. De sector vraagt aan de overheid om dringend werk te maken van een nationale reglementering die geldig is voor alle brandweerzones in België.

6. Slot

ALIA Security vertegenwoordigt een belangrijk deel van de sector elektronische beveiliging. Zij is steeds bereid om samen met andere actoren binnen de integrale veiligheid mee te denken en mee te werken aan een verbeterde regelgeving. Ze engageert zich vandaag al in verschillende werkgroepen en is bereid dit in de toekomst nog te doen.

Johan Chenot

Voorzitter ALIA Security

www.aliasecurity.be